Depressies & crisissen

Problemen komen overal voor: in de liefde, in de ochtendspits maar ook in de economie.

Hoe heeft het beleid van de overheden de staatsschuldencrisis beïnvloed?

Hoe kan het dat landen als Nederland en Duitsland niet in grote problemen kwamen na de staatsschuldencrisis, terwijl bijvoorbeeld Griekenland en Ierland al snel in een staatsschuldencrisis terecht kwamen? Alhoewel de kredietcrisis gezien kan worden als de directe aanleiding hebben deze overheden vanzelfsprekend de nodige dingen verkeerd gedaan. In deze deelvraag proberen we duidelijk te maken dat de losse lidstaten een grote verantwoordelijkheid dragen bij deze crisis. We doen dit aan de hand van een voorbeeld: Griekenland.


Griekenland en zijn corrupte regering

Grieks_protestGriekenland bloedt en schreeuwt om de pijn van zijn eigen wonden. Door een ineffectief beleid zijn de tekorten van Griekenland zo sterk opgelopen dat ze er zonder Europese hulp niet meer zonder faillissement uit kunnen komen. In dit voorbeeld brengen we enkele voorbeelden van ineffectief beleid naar voren waardoor het duidelijk wordt dat de noodlijdende lidstaten voor een groot deel zelf verantwoordelijk zijn voor de problemen waarin ze zich in bevinden.


Gebrek aan inkomsten

Binnen Griekenland is er een gebrek aan inkomsten. Vreemde belastingregels en stelsels zorgen ervoor dat het ophalen van geld door de overheid een moeizaam proces is. Belastingontduiking lijkt in veel gevallen onderdeel van de cultuur. Naar schatting gaat ongeveer dertig procent van het BBP om in het zwarte circuit, en per Griek wordt er ongeveer 1.670 euro aan smeergeld betaald om maar zo min mogelijk geld kwijt te zijn aan belastingen. De overheid faalt erin om deze grootschalige ontduiking te bestrijden door een gebrek aan (eerlijke) controleurs en een sterk beleid. 

 

Terugdringen aantal ambtenaren

In Griekenland is er een overschot aan ambtenaren. Nadat een regering verdwijnt blijven de ambtenaren doorgaans, waardoor er meer ambtenaren zijn dan er werk is. Op een populatie van elf miljoen mensen zijn er maar liefst 80.000 ambtenaren in dienst die allemaal worden betaald door de Griekse overheid. Sommige ambtenaren ontvangen zelfs nog een uitkering… terwijl ze al 20 jaar dood zijn!


Vroeg met pensioen

Veel Grieken kunnen al met pensioen wanneer ze 57 jaar oud zijn. In Nederland wordt momenteel gesproken over een ophoging van de pensioenleeftijd om de collectieve lasten terug te brengen. Een lage pensioenleeftijd betekent hoge kosten, hoge kosten die een overheid met enorme schulden nooit kan ophoesten. Wanneer een rijk land als Nederland dit niet kan, moet Griekenland zeker in de problemen komen met zo’n lage pensioenleeftijd. 


Herstructureren of ten onder gaan

Dit zijn slechts enkele voorbeelden van een slecht overheidsbeleid binnen één noodlijdende lidstaat. Door een gebrek aan structuur binnen de verschillende lidstaten gaat er geld verloren, geld dat de overheden nodig hebben om de toch al torenhoge schulden af te lossen. De grootste oorzaak van de staatsschuldencrisis is dan ook de manier waarop veel overheden omgaan met geld, de crisis zal uiteindelijk dan ook alleen maar op te lossen zijn door grove herstructureringen.
Voordat we dieper in gaan op de mogelijke oplossingen bekijken we echter eerst hoe de overheid door middel van begrotingsbeleid invloed kan uitoefenen op de economische situatie binnen een land.

welke rol speelde de kredietcrisis bij het ontstaan van de staatsschuldencrisis?

De wereldwijde kredietcrisis die begon in 2008 heeft de Europese economie fors geraakt. Verschillende banken gingen failliet, en overheden moesten bijspringen om noodlijdende banken te redden. Begin 2010 ontstond de staatsschuldencrisis, een probleem dat de financiële stabiliteit van de euro door grote tekorten en schulden van verschillende lidstaten binnen de EMU zone in gevaar brengt. Hoe hangen deze twee crisissen nu eigenlijk samen?


Wat was de kredietcrisis ook al weer?

kredietcrisis_cartoonDe FED (Federal Reserve, de centrale bank Verenigde Staten bepalend voor het monetaire beleid) besloot na het breken van de internetzeepbel rond 2000 en de aanslag op het World Trade Center om de rente in verschillende stappen fors te verlagen. Hierdoor nam de rente in een vrij korte periode af van zes procent naar minder dan één procent. Op die manier wilde de FED de laagconjunctuur die er op het moment heerste oplossen waardoor het vertrouwen in de financiële markten weer zou toenemen. 
Dit liep echter anders dan gehoopt. Door de lage rentes was het lenen van geld goedkoper dan ooit. Banken sprongen hier op in door hypotheken te verstrekken zonder te letten op de mogelijke risico’s. Deze risicovolle hypotheken hebben er uiteindelijk voor gezorgd dat veel banken omvielen. Toen in 2007 de rente weer steeg, namen ook de rentepercentages op hypotheken toe. Doordat de huizenmarkt tegelijkertijd instortte kwamen particulieren die de overwaarde van hun huis gebruikten om de hypotheek af te betalen nog verder in de problemen.


fed_rente_percentageDoor al deze risicovolle openstaande financiële producten raakte banken verder in de problemen. Veel particulieren konden hun hypotheken niet afbetalen, en doordat de huizenmarkt snel verslechterde kwamen ook de banken in de problemen. De financiële markten speelden hier op in door aandelen van de financiële instellingen te verkopen waardoor de koersen van veel banken begonnen te dalen.


Banken probeerden vervolgens om hun risicovolle hypotheken te verkopen aan andere instanties door ze aan te bieden als nieuwe financiële producten. Dit heeft bijgedragen aan de globale verspreiding van de crisis waardoor deze ook grote invloed heeft uitgeoefend op de economische situatie binnnen Europa. Banken beschikten vaak over onvoldoende liquide middelen om de tekorten op te vangen, en door wederzijds wantrouwen wilden banken elkaar vaak geen geld meer lenen. Hierdoor raakten niet alleen de banken door geldgebrek in de problemen, maar ook de bedrijven die niet langer een krediet konden afsluiten.

 

Kredietcrisis waait over naar Nederland

domino_kredietcrisisWanneer een grote economie als die van de Verenigde Staten in de problemen komt is het vanzelfsprekend dat de effecten ook in Europa merkbaar zullen zijn. Ook Europese banken raakten in de problemen doordat ze verliezen draaiden op de financiële markten (door de dalingen van de koersen) en doordat het verkrijgen van kredieten steeds lastiger werd.


De gevolgen van de kredietcrisis werden hierdoor ook in Europa steeds beter zichtbaar. Particulieren konden steeds minder makkelijk geld lenen, en door de slechte berichtgevingen daalde de effectieve vraag. Uiteindelijk hebben veel overheden moeten ingrijpen zodat de werkloosheid beperkt kon blijven en banken met staatssteun gered konden worden. Maar hoe hebben deze maatregelen het ontstaan van de staatsschuldencrisis in de hand gespeeld?  


Economische situatie en de kredietcrisis

Voor veel regeringen was het noodzakelijk om in te grijpen. Door de crisis moesten overheden meer uitgeven (sociale voorzieningen, redden van banken en uitvoeren van stimuleringsprojecten) terwijl door het dalende inkomen minder geld binnen kwam (belastingen). De kredietcrisis heeft op deze manier een grote rol gespeeld in het ontstaan van de staatsschuldencrisis.


Landen als Griekenland en Italië functioneren op het gebied van de begroting niet effectief, en de kredietcrisis heeft ze net het benodigde zetje over de rand gegeven. We weten nu dat de kredietcrisis de uitgaven van overheden heeft doen toenemen en het inkomen heeft doen afnemen, maar in welke mate zijn de lidstaten eigenlijk zelf schuldig wanneer we kijken naar de staatsschuldencrisis?

eurusdgrafiek

EUR/USD koers over een periode van vijf jaar, sinds juli 2011 staat de euro onder grote druk als gevolg van de crisis

Wat is de staatsschuldencrisis?

Europa is ziek: alleen in Nederland stijgt de staatsschuld al met ruim 800 euro per minuut. Overheden dreigen failliet te gaan, de financiële markten verliezen het vertrouwen in de euro en de waarde van staatsobligaties keldert. Maar hoe heeft men het zo ver laten komen? Wat is de staatsschuldencrisis nu eigenlijk, en hoe is deze nieuwe crisis begonnen?


Stille crisis schreeuwt het uit

De staatsschuldencrisis is niet zomaar uit het niets ontstaan. Het is een probleem dat er al vele jaren is, maar waarvan we nu pas de nadelen ondervinden. De staatsschuldencrisis is namelijk ontstaan doordat overheden zich niet aan de door de Europese Monetaire Unie opgelegde voorwaarden hielden waardoor de tekorten van de overheden steeds verder opliepen. 


In de praktijk is het normaal dat overheden een begrotingstekort hebben op jaarbasis. Het komt maar zelden voor dat een overheid een overschot heeft, maar de tekorten moeten niet te ver oplopen. Nederland heeft bijvoorbeeld een tekort van 2,9 procent over 2011 waardoor de staat moet bij lenen. Voor Nederland is dit echter geen probleem omdat de financiële markten Nederland vertrouwen en hierdoor graag obligaties kopen.
Rente op obligaties stijgtPas rond maart 2010 kwam naar voren hoe slecht Griekenland ervoor stond. De koersen van de obligaties daalden en het vertrouwen van de financiële markten in Griekenland nam af. Hierdoor namen de rentepercentages van de obligaties explosief toe waardoor het voor Griekenland steeds duurder werd om geld te lenen. 


Nadat de problemen in Griekenland duidelijk werden kwamen andere landen ook snel in de problemen: onder andere Italië en Portugal verloren vertrouwen met toenemende rentepercentages op de obligaties als gevolg.
Een groot tekort is, mits het mogelijk is om goedkoop geld bij te lenen, niet direct een probleem. Doordat de landen echter het vertrouwen van de financiële markten  hebben verloren stijgen de rentepercentages waardoor het aflossen van openstaande leningen steeds duurder wordt. Hierdoor raken de landen in een vicieuze cirkel waarbij door het steeds verder afnemende vertrouwen de rentepercentages alleen maar blijven stijgen. De staatsschuldencrisis is voor een groot deel veroorzaakt door een (terecht) gebrek aan vertrouwen.

 

Wat is de oplossing?

lange_termijn_rente_percentages_eurzoneEen vraag zonder duidelijk antwoord. Europese regeringsleiders overleggen al lang over mogelijke oplossingen voor de crisis. Momenteel is er bijvoorbeeld een noodfonds opgezet dat de noodlijdende lidstaten boven water moet houden. Aan het einde van deze scriptie zullen we zelf enkele oplossingen naar voren brengen die de crisis in zijn huidige vorm naar onze mening zou kunnen verbeteren.

Voordat het zover is zullen we echter de crisis vanuit verschillende oogpunten bestuderen. Eerst bekijken we de voornaamste oorzaken zodat we weten waardoor het probleem is ontstaan. Vervolgens gaan we dieper in op de losse lidstaten om te bestuderen op welke manier zij de economie en begroting kunnen beïnvloeden. 


Wanneer we deze basisgegevens hebben en begrijpen gaan we wat dieper op de stof in door de supranationale organisaties te bestuderen die de crisis allemaal op hun eigen manier weten te beïnvloeden. Vervolgens bekijken we de rol van de financiële markten in het geheel, en hoe de overgang van de reële markt naar de financiële markt als dominante koersbepaler heeft bijgedragen aan de crisis. Tot slot zullen we enkele scenario’s bespreken die mogelijk als oplossing kunnen dienen, om uiteindelijk tot een passende conclusie te komen.

 

WEETJE: FABELTJES
 Het grote probleem is het feit dat lenen niet als probleem beschouwd werd. Hierdoor ontstond eerst de internetzeepbel en later ook de huizenmarktzeepbel. Het lenen van geld op grote schaal is in een periode van economische groei geen probleem, maar wanneer deze groei plotseling stopt is de rente niet langer meer te betalen waardoor het fabeltje te mooi blijkt om waar te zijn en dromen veranderen in nachtmerries…

Beurscrashes door de jaren heen

Een beurscrash is een extreme situatie op de beurs waardoor de koersen door een hoog niveau van paniek snel dalen. Wanneer we de beurscrashes in het verleden bestuderen kunnen we verklaren waarom er ook nu zo nu en dan een depressie plaatsvindt en dan kunnen we deze in de toekomst zo veel mogelijk voorkomen. In dit artikel geven we een overzicht van de bekendste beurscrashes van de vorige en deze eeuw.

Wat is een beurscrash nu eigenlijk?

beurscrashEigenlijk kan een beurscrash gezien worden als een vicieuze cirkel: door negatief nieuws daalt de koers. Wanneer de koersen vervolgens erg snel dalen en er veel negatief economisch nieuws uitkomt, kunnen de koersen extreem snel dalen. Zodra er paniek is zullen de effecten elkaar versterken waardoor de koersen letterlijk in een vrije val gaan.

Overigens kan een beurscrash ook in een periode van hoogconjunctuur plaatsvinden, waarbij de koersen juist gedurende lange tijd stijgen.

De grote depressie

De bekendste beurskrach is misschien wel die van 1929. Na de roaring twenties waarin de economische situatie maar bleef verbeteren en de aandelen naar nieuwe recordhoogtes stegen was het tijd voor een enorme correctie. Door deze blinde periode van progressie en blijdschap hadden veel aandelen een niet reële waarde en in combinatie met het feit dat mensen aandelen kochten met geleend geld zorgde dit voor een gevaarlijke situatie op de beurs.

Toen in 1929 de koersen begonnen te dalen ontstond er een langdurige depressie waarvan de effecten nog jaren later merkbaar zouden zijn. De grote depressie wordt door veel mensen ook wel gezien als de oorzaak van de Tweede Wereldoorlog, aangezien het lot van Duitsland grotendeels verbonden stond met de grote depressie van 1929. Pas toen de conjunctuur door de overheid gestimuleerd werd onder Roosevelt begon de economie weer te verbeteren waarna de koersen na lange tijd weer herstelden.

Crisis 1987

Ook in 1987 ontstond er een crisis, die overigens een stuk minder erg was dan de grote depressie van 1929. gedurende 1986 daalde de koersen snel door een negatieve uiting van Amerika over de economische situatie in Duitsland. Daarnaast hielp de oliecrisis natuurlijk ook niet mee, en ook dit zorgde voor paniek en dalende koersen. De crash vond plaats in een opgaande markt, waardoor de koersen uiteindelijk weer snel konden herstellen.

Kredietcrisis 2008

koersen dalenEen vrij recente crisis waarvan we nu nog de effecten ondergaan. Door het aangaan van riskante kredieten en het vallen van de huizenmarkt ontstonden grote economische problemen. Gevolgen waren onder andere het massaal omvallen van banken en een stijgende werkeloosheid. Een uitgebreide analyse van de kredietcrisis in verhouding met die van 1929 kan je terugvinden in onze verdieping.

Staatsschuldencrisis 2011

De staatsschuldencrisis is ontstaan doordat veel landen hun begrotingstekort teveel hebben laten oplopen. Wanneer Griekenland zijn beleid niet zal verbeteren is er een grote kans dat het land failliet gaat en andere onstabiele landen als Italië en Ierland met zich meeneemt. Door de onrust op de kapitaalmarkt en de stijgende obligatieleningen neemt het consumentenvertrouwen snel af waardoor de koersen op de beurzen snel dalen: een neerwaartse spiraal is ingezet die pas zal stoppen wanneer er een nieuw beleid komt om de situatie tegen te gaan.

Nouriel Roubini hoe een depressie voorkomen

25 september 2011 - Reeds in 2005 voorspelde Nouriel Roubini dat er een crisis op de vastgoedmarkt zou uitbreken en dat deze crisis wereldwijde gevolgen zou hebben. In 2008 bleek dat hij gelijk had toen de financiële crisis uitbrak. Ondanks zijn eerdere uitspraken dat een double dip recessie onwaarschijnlijk is, acht hij de kans reëel dat een vergelijkbare crisis zich wel zal voordoen. Toch is het niet te laat en kunnen overheden maatregelen nemen om het tij te doen keren. In zijn publicatie “How to Prevent a Depression” stelt hij de maatregelen die genomen moeten worden.

Overheid bepalend bestrijding crisis

Nouriel RoubiniNu de crisis het niveau van bedrijven overstegen is, kan enkel de overheid nog maatregelen nemen om de huidige situatie te stabiliseren en te verbeteren. Overheden waarbij de financiële situatie onder controle is, mogen niet te hard meegaan met de huidige besparingsfilosofie. Teveel besparen zou de economische groei onder druk zetten. Nuttiger is het om de overheidsinvesteringen te laten stijgen om zo de economie aan te wakkeren en het vertrouwen te herstellen. Landen met financiële problemen die gered kunnen worden, moeten steun kunnen krijgen van het EFSF en de ECB.

Op deze manier kunnen ze de crisis overleven en structurele aanpassingen doorvoeren om deze problemen in de toekomst te vermijden.  Landen als Spanje, Italië en Portugal moeten deze optie verkiezen. Landen met een hoge schuldgraad die deze schuldenlast niet meer kunnen dragen moeten opteren voor een schuldherschikking. Enkel zo kunnen ze de publieke financiën weer op orde krijgen. Naast de schuldherschikking moeten ook de fundamentele problemen aangepakt worden.

Dat bijvoorbeeld Griekenland de huidige problemen kent is niet meer dan het resultaat van een slechte concurrentiekracht en corruptie. Als deze problemen niet aangepakt worden heeft een schuldherschikking geen zin. Ook de groeilanden moeten meewerken; zij kunnen voor extra stabiliteit zorgen door de binnenlandse markt verder te ontwikkelen in plaats van te kiezen voor exportgerichte activiteiten.

Andere maatregelen voorkomen depressie

Daarnaast stelt Roubini ook andere maatregelen. Zo moet de ECB de inflatiegerichte politiek tijdelijk veranderen. In plaats van de rente hoog te houden uit angst voor inflatie moet deze dalen om de economie van zuurstof te voorzien. Banken met een te laag Tier1-ratio moeten publiekelijk gefinancierd worden, terwijl solvabele bedrijven met liquiditeitsproblemen financiële steun moeten ontvangen van de overheid.

Werknemers moeten meer gebruik maken van de beschikbare trainingen, opleidingen en bijscholingen. Dit omdat de werkloosheid in de ontwikkelde landen structureel is, en de kwaliteit van de werknemers bijgevolg moet stijgen om de economische motor draaiende te houden. Ook inzetten op onderzoek & ontwikkeling en hernieuwbare energie zullen mee leiden naar een uitweg uit de crisis.

Italië downgrade op weg naar fallisement?

Zondag 25 september 2011 - Italië begint steeds meer en meer in de problemen te komen. Daarom heeft Standard & Poor's vandaag de rating van Italië van A+ naar A verlaagd. Bovenop deze verlaging kreeg het land ook nog een negatieve voorspelling. Deze negatieve voorspelling impliceert dat een verdere downgrade niet uitgesloten is als de situatie niet verbetert. Er zijn twee redenen voor deze downgrade: de economische en de politieke situatie.

Economische positie Italië

schuldencrisis_italieOp economisch vlak stagneert de economische groei en is de concurrentiepositie van het land gedaald. Het land kan op economisch vlak in tweeën gedeeld worden:  het  industriële noorden en het onderontwikkelde zuiden van het land. Ondanks de vele programma's om deze verschillen weg te werken, zijn er geen zichtbare veranderingen waarneembaar.  

Daarnaast zullen de besparingsplannen de verschillen zeker niet verminderen. Vorige week heeft het Italiaanse parlement een besparingsplan goedgekeurd, waarmee er 54 miljard euro wordt bespaard in 3 jaar. Italië was verplicht dit plan op te stellen door de ECB en de EU om zo de druk van de financiële markten te verminderen. Op deze besparingen wordt met veel protest gereageerd door de bevolking.

Politieke ontwikkelingen

Ook op politiek vlak beleeft Italië zeer woelige tijden. Het vertrouwen binnen de regeringscoalitie is zeer fragiel en samenwerking tussen de oppositie en de meerderheid is nagenoeg onbestaande. Deze oppositie vraagt zelfs het ontslag van premier Berlusconi vanwege de talrijke schandalen en het feit dat hij er niet in slaagt een coherent beleid uit te tekenen dat het vertrouwen in de Italiaanse economie kan herstellen.

De premier van zijn kant noemt dit allemaal stemmingmakerij. Volgens hem liggen de kranten aan de basis van de downgrade omdat S&P zich vooral zou baseren op de negatieve artikelen die in de Italiaanse pers verschenen zijn.

Italië en Griekenland in de staatsschuldencrisis

Of de Italianen het nu willen of niet, hun lot is grotendeels verbonden aan dat van Griekenland.  Als Griekenland failliet gaat zal dit negatieve gevolgen hebben op de Italiaanse situatie. Het vertrouwen van beleggers zal dan verdwijnen waardoor de rente en als gevolg de spread verder zal oplopen. Ondanks ontkenningen van de Italiaanse regering zou Italië mogelijk ook hulp nodig hebben van het EFSF of het IMF. Enkel is de derde grootste economie van Europa redden een andere opgave dan een klein land als Griekenland redden. Daarom blijft ook de situatie in Spanje en Portugal zeer precair.

Gaat Griekenland failliet? | schuldencrisis

12 september 2011 - Hoe moet het nu verder met Griekenland? Deze vraag spookt al weken door de hoofden van de regeringsleiders, beleggers en het bestuur van de Europese Centrale Bank. Al weken worden op regelmatige basis berichten de wereld ingestuurd dat Griekenland aan zijn verplichtingen zal voldoen, gevolgd door geruchten dat er achter de schermen toch aan een faillissement van het land gewerkt wordt.

Fallisement niet langer een taboe?

Griekenland faillietPhilipp Rösler, minister van economie in Duitsland, gaf in een opiniestuk in Die Welt aan dat een faillissement van Griekenland niet meer tot de taboesfeer behoort. Dit voedt eerdere geruchten dat Duitsland een faillissement van het land verwachtte en zich hierop aan het voorbereiden is, ondanks het herhaaldelijk ontkennen van deze geruchten door bondskanselier Merkel.  

Het uiteindelijke doel is het stabiliseren van de Eurozone, om te voorkomen dat ook andere landen in de problemen komen.  Hiervoor zouden twee scenario's op tafel liggen. Het eerste scenario behoudt de Euro in Griekenland, het tweede gaat uit van een terugkeer naar de Griekse Drachme.  

In deze scenario's speelt het Europese stabiliteitsfonds een belangrijke rol. Zij zouden landen als Portugal en Spanje financieren in het geval de financiële markten na een Grieks faillissement ook het vertrouwen verliezen in deze landen. Daarnaast zouden ook banken die in de problemen komen door de afwaarderingen beroep kunnen doen op dit fonds.

De gevaren van een fallisement

Twee concrete vragen blijven onbeantwoord: Is een faillissement van Griekenland daadwerkelijk een optie, en gaat het EFSF voldoende middelen hebben om de nodige ondersteuning te bieden. De eerste vraag is cruciaal. Bij een faillissement kunnen verschillende landen in de problemen komen. De PIGS-landen omdat het resterende vertrouwen in deze landen dan volledig verdwijnt, maar ook Frankrijk komt dan in de problemen.  

De Franse banken hebben voor ongeveer 61 miljard euro in Griekenland uitstaan. Als het Grieks staatspapier niets meer waard is en de Franse banken dit moeten afboeken, zal dit het begin zijn van een tweede bankencrisis in Frankrijk.  

Deze blootstelling aan Grieks waardepapier is de reden waarom Moody's waarschijnlijk deze week de rating van enkele grote banken, zoals de Sociéte Generale en BNP Paribas, zal verlagen.  De tweede vraag blijft ook onduidelijk omdat de reactie van de markten op een Grieks faillissement niet te voorspellen is.  Eén ding is zeker: de redding van Griekenland is nog niet zeker.  De negatieve houding van het Griekse volk ten opzichte van de noodzakelijke besparingen, helpt de Griekse zaak allesbehalve.

Stresstest en gezondheid banken

Tijdens de financiële crisis bleek dat de banken financieel niet zo gezond bleken als aangenomen werd. Financiële toezichthouders creërden stresstests om hun financiële situatie te analyseren. Centraal in deze stresstest staat de Tier 1 ratio centraal.  

Solvabiliteit bank

De Tier 1 ratio is een indicator voor de solvabiliteit van een bank. De Tier 1 ratio is de verhouding van het kapitaal en het vreemd vermogen. In de ratio wordt enkel rekening gehouden met het kernkapitaal om enkel het kapitaal met de beste kwaliteit in rekening te brengen. Deze ratio is belangrijk voor beleggers en banken. Beleggers gebruiken het om de solvabiliteit en de kwaliteit van de bank te onderzoeken.  

Een bank met een hoog Tier 1 ratio wordt aanzien als een bank met goede financiële basis en voorzien van de nodige buffers voor financieel slechte tijden. Bij de banken zelf wordt de ratio gebruikt voor onderlinge transacties zoals interbancaire leningen. Toezichthouders eisen een minimumratio van 4%, hoewel de stresstests hogere minimumratio's hanteren.

Scenario's stresstest

Een stresstest bestaat uit drie scenario's. In alle scenario's wordt een macro-economisch kader geschept waarin uitgegaan wordt van bepaalde indicatoren. Op basis van deze indicatoren en de situatie wordt onderzocht wat de impact zal zijn op de bank en in welke mate ze de situatie financieel aankunnen.

Het eerste scenario is het benchmark scenario. In dit scenario gaat men uit van de verwachtingen over de economische groei. Met het benchmark scenario zal nadien het tweede scenario vergeleken worden. In het benchmark scenario wordt steeds uitgegaan van voorzichtige prognoses, omdat anders de waarde van een stresstest verloren gaat.

Het adverse scenario is het tweede scenario. Hierin wordt een slechte economische situatie gesimuleerd. Voorbeelden hiervan zijn een recessie (eventueel met een double dip) of een nulgroei van de economie met hogere werkloosheid en meer wanbetalers en dalende aandeelprijzen.

Een derde scenario situeert zich op landenniveau. De aanname is dat de factoren in het inverse scenario leiden tot afschrijvingen en schokken op de vastgoed- en aandelenmarkten.

Resultaten van de stresstest

De stresstests worden per bank opgemaakt om te zien of ze voldoende kernkapitaal hebben.  ndien dit niet het geval is, krijgt de bank de tijd om het kernkapitaal aan te sterken door bijvoorbeeld een kapitaalverhoging.  Indien de bank niet in staat is om het kernkapitaal zelf te verhogen, zal het land waaronder de bank valt deze taak op zich nemen.

Inflatie: een rem op groei en rendement

Inflatie  kan twee redenen hebben: het kan monetaire inflatie zijn als gevolg van een stijging van de geldhoeveelheid. Een tweede vorm van inflatie is prijsinflatie. Het gevolg hiervan is een algemene stijging van het prijspeil.  Economen onderscheiden verschillende oorzaken aan voor inflatie: Hogere productiekosten, gestegen prijs van importproducten, geld dat wordt bijgedrukt,...  Al deze factoren leiden tot hetzelfde resultaat: geld nu is morgen minder waard. 

Metingen van inflatie

inflatieOm de inflatie te meten wordt een consumentenprijsindex gevormd. Deze korf van goederen en diensten wordt verondersteld representatief te zijn voor de economie. De waarde van deze korf wordt periodiek berekend om de inflatie over die periode vast te stellen. Algemeen wordt 2% inflatie als ideaal gezien. Een hogere inflatie zorgt voor een te snelle stijging van de prijzen waardoor de economische groei tegengehouden wordt. Een te lage inflatie zorgt ervoor dat de vrees voor deflatie wordt uitgesproken.  

Naast inflatie of deflatie (negatieve inflatie) is er ook nog stagflatie. Bij stagflatie is er sprake van economische stagnatie en inflatie. Een voorbeeld van stagflatie is terug te vinden in de Amerikaanse economie in de jaren 70 en in Nederland in de jaren 80.

Rendement bij inflatie

Om het echte rendement te bereken wordt de volgende vuistregel gebruikt: trek van het rendement van een product de inflatie af, en dit benaderd het reële rendement. Dit leidt tot een verbazingwekkende conclusie:  Een zicht- of spaarrekening biedt onvoldoende rendement om de inflatie te dekken. Het reële rendement is nul of zelfs negatief!

Obligaties: perfecte indekking?

Om een rendement te behalen dat de inflatie overtreft zijn er twee mogelijkheden: obligaties en aandelen. De opbrengst van sommige obligaties wordt gelinkt aan de inflatie: als de inflatie stijgt, zal de rente meestijgen en vice versa. Op deze manier is de belegger ingedekt tegen de inflatie. De opbrengst van deze obligaties kunnen lager zijn dan bij lage inflatie dan gewone obligaties. De belegger van inflatie-geïndexeerde obligaties loopt minder risico en krijgt hierdoor een lagere risicopremie

Beleggen in aandelen

Een tweede mogelijkheid is beleggen in aandelen. Het risico ligt hoger dan bij spaarrekeningen, waardoor de risicopremie ( in dit geval de return on investment) hoger ligt. Er is geen rendement, maar op lange termijn levert een gediversifieerde portefeuille aandelen meer op dan een spaarrekening.  Dit kan ook op korte termijn meer opleveren, maar door de lange termijn te bekijken wordt de invloed van correcties door een beurscrisis geneutraliseerd in het totale rendement.